Acetylsalicylzuur (Aspirine, Asaflow)

Antwoord: 

Bijgewerkt oktober 2010

 

Acetylsalicylzuur

 

Merknamen

 

  • Alka Selzer
  • Aspirine
  • Cardiphar
  • Sedergine
  • Aspegic
  • Cardegic
  • Asa
  • Acenterine
  • Asaflow

 

Combinatiepreparaten:

  • Aggrenox (acetylsalicylzuur + dipyridamol)
  • Afebryl (paracetamol + acetylsalicylzuur + ascorbinezuur)
  • Aspirine C (acetylsalicylzuur + ascorbinezuur)
  • Aspirine duo (acetylsalicylzuur + caffeine)
  • Perdolan compositum (paracetamol + acetylsalicylzuur + caffeine)
  • Troc (paracetamol + acetylsalicylzuur + caffeine)
  • Migpriv (acetylsalicylzuur + metoclopramide)

 

Andere ontstekingswerende middelen (Non Steroidal Anti Inflammatory Drugs of NSAID’s)

 

Arylazijnzuurderivaten

  • Aceclofenac (Aceclofenac, Air-Tal, Biofenac)
  • Diclofenac (Cataflam, Diclofenac, Diclofenacum Natrii, Docdiclofe, Motifene, Polyflam, Voltaren, Arthrotec)
  • Ketorolac (Taradyl)

 

Arylpropionzuurderivaten

  • Dexteprofen (Enantyum, Ketesse)
  • Flubiprofen (Froben)
  • Ibuprofen (Brufen, Buprophar, Dolofin, Epsilon, Ibumed, Ibuprofen, Malafene, Nurofen, Optalidon, Pedea, Perdofemina, Perdophen, Perviam, Spidifen)
  • Ketoprofen (Ri-Rofenid, Rofenid)
  • Naproxen (Aleve, Apranax, Naproflam, Naprosyne, Naproxen)
  • Oxaprozine (Duraprox)

 

Indoolderivaten

  • Indometacine (Dolcidium, Indocid)
  • Proglumetacine (Tolindol)

 

Oxicams

  • Meloxicam (Docmeloxi, Meloxicam, Mobic)
  • Piroxicam (Brexine, Docpiroxi, Feldene, Piromed,Piroxicam, Polydene, Solicam)
  • Tenoxicam (Tilcotil)

 

COX-2 selectieve NSAID’s

  • Celecoxib (Celebrex, Onsenal)
  • Etoricoxib (Arcoxia, Ranacox)
  • Parecoxib (Dynastat)

 

Nabumeton

Nabumeton (Gambaran)

 

Voorgeschreven tegen

 

  • Pijn, koorts en ontstekingen
  • Cardiovasculaire preventie
  • Acuut hartinfarct
  • Beroerte

 

Werking

 

Niet-steroïdale anti-inflammatoire middelen (NSAID’s) remmen het cyclo-oxygenase-2 (COX-2), een enzym dat een rol speelt in de vorming van de prostaglandines die betrokken zijn bij ontstekingsreacties, en het cyclo-oxygenase-1 (COX-1) een enzym dat betrokken is bij de synthese van de prostaglandines die een rol spelen bij de bescherming van de maagwand. De klassieke niet-COX-2-selectieve NSAID’s remmen beide iso-enzymen ongeveer in dezelfde mate; de COX-2-selectieve NSAID’s remmen bij voorkeur COX-2.

 

Contra-indicaties

 

  • Maag- of duodenumzweren
  • Zwangerschap
  • Kinderen onder de 12 jaar: risico op Reye’s syndroom!
  • Voorgeschiedenis van astma of urticaria (netelroos) ten gevolge van de inname van acetylsalicylzuur of een NSAID
  • Ernstig hartfalen

 

Doeltreffendheid

 

De ontstekingswerende eigenschappen zijn al lang bekend en hebben het middel eigenlijk beroemd gemaakt.

De claims, die pas in de jaren ’90 werden geuit, waarbij preventief gebruik van acetylsalicylzuur het sterftecijfer bij cardiovasculaire accidenten zou kunnen verminderen, worden door recenter onderzoek formeel tegengesproken omdat het voordeel bijna nihil is zodat de balans van voor- en nadelen ongunstig is.

 

Bijwerkingen

 

  • Maag- en darmbloedingen
  • Hersenbloedingen
  • Overgevoeligheidsreacties bij patiënten met astma, neuspoliepen en netelroos
  • Langdurige remming van de bloedplaatjesaggregatie (zelfs na één dosis) waardoor bloedingen moeilijker stoppen (operaties, tanden trekken!)
  • Syndroom van Reye (degeneratie van o.a. lever, nieren, pancreas, hart, …) bij kinderen met een virale infectie (o.a. griep). Niet gebruiken onder de 12 jaar!
  • Gastro-intestinale klachten en letsels van het maagdarmslijmvlies: zweren, bloedingen, perforaties. Alle NSAID’s kunnen aanleiding geven tot deze ongewenste effecten, soms zonder voorafgaande symptomen. Met de COX-2-selectieve NSAID’s is in een aantal studies een kleiner risico van gastroduodenale zweren gevonden dan met de niet-selectieve NSAID’s, maar er schijnt weinig verschil te zijn in het aantal complicaties (perforatie, bloeding, ...). De gastro-intestinale letsels kunnen optreden bij toediening van deze geneesmiddelen langs gelijk welke weg. Gelijktijdig gebruik van een protonpompinhibitor, een hooggedoseerd H2-antihistaminicum laat toe deze gastro-intestinale toxiciteit te verminderen.
  • Verhoogd risico op cardiovasculaire accidenten (hartinfarct, beroerte). Voor geen enkel NSAID kan dit risico worden uitgesloten, zeker niet bij hoge doses. Het is niet bekend of het cardiovasculaire risico blijft bestaan na stoppen van de behandeling, en, indien dit het geval zou zijn, hoe lang.
  • Bloeddrukverhoging
  • Hematologische afwijkingen
  • Vochtretentie met verergeren van hartfalen, gaande tot acuut hartfalen
  • Overgevoeligheid (bv. verkramping van de spieren rond de luchtpijp), met mogelijke kruisovergevoeligheid voor andere NSAID’s en acetylsalicylzuur
  • Acute nierinsufficiëntie, vooral wanneer er een verminderd volume is door diuretica of zoutbeperking, bij al bestaande aandoeningen zoals hartfalen, levercirrose met ascites (ophoping van vocht in de buikholte), niersyndroom, vasculaire aandoeningen, of wanneer gelijktijdig ACE-remmers, sartanen of renine-remmers (= medicijnen tegen verhoogde bloeddruk) worden genomen. Ook bij kinderen met uitdroging (bij koorts of diarree) werd dit probleem gezien
  • Hyperkaliëmie (te veel kalium in het bloed), vooral bij patiënten die kaliumsupplementen, kaliumsparende diuretica, ACE-remmers, sartanen of renine-remmers nemen
  • Vermoeden van verminderde vruchtbaarheid bij de vrouw door langetermijn gebruik
  • Hoofdpijn, duizeligheid en verwardheid (frequenter met arylazijnzuur- en indoolderivaten)
  • Levertoxiciteit: vooral diclofenac
  • Verslechteren en uitlokken van allerlei huidaandoeningen gaande tot Lyell-syndroom en Stevens-Johnson-syndroom met alle NSAID’s

 

Interacties

 

  • Verhoogd risico van gastro-intestinale letsels door NSAID’s bij gelijktijdig gebruik van corticosteroïden
  • Blokkering van de vitamine K werking. Hierdoor, maar ook wegens het effect van de niet-COX-2-selectieve NSAID’s op de bloedplaatjes is er een verhoogd risico van bloeding, vooral bij het starten van een NSAID
  • Verhoogd risico van bloeding bij gelijktijdig gebruik van SSRI antidepressiva
  • Verminderde uitscheiding van lithium door de nieren en stijging van de lithiumspiegels in het plasma
  • Versterking van de niertoxiciteit door cyclosporine (immunodepressivum gebruikt bij o.a. auto-immuunziekten en orgaantransplantaties)
  • Verhoging van het risico van ongewenste effecten van methotrexaat (kankerbehandeling, reuma, Crohn), vooral wanneer methotrexaat gebruikt wordt in hoge doses
  • Tegengaan van het effect van diuretica
  • Verminderen van het effect van de meeste antihypertensiva
  • Sterkere verhoging van kalium in het bloed bij gelijktijdig gebruik van kaliumsparende diuretica, kaliumsupplementen, ACE-remmers, sartanen of renine-remmers (medicijnen gebruikt bij hypertensie)
  • Meer uitgesproken inkrimping van de nierfunctie bij gelijktijdig gebruik van diuretica, ACE-remmers, sartanen of renine-remmers
  • Verhogen van het risico van melkzuuracidose door metformine (diabetes)

 

Bespreking

 

Ruim 2.000 jaar voor Christus wisten de Assyriërs al dat wilgenbladeren gebruikt konden worden ter bestrijding van pijnlijke gewrichten. In 1928 pas slaagde de Fransman Henri Leroux er in om de werkzame stof salycine in gezuiverde vorm te isoleren. Toen de Duitser Kolbe de chemische structuur van salicylzuur ontdekte, werd het mogelijk om deze molecule te synthetiseren zodat het voor één tiende van de prijs van wilgenextract op de markt kon gebracht worden in de vorm van natriumsalicylaat. Het was meteen duidelijk dat het middel schadelijk was voor de maag zodat verder gezocht werd om deze eigenschap te milderen. Het was Charles Gerhardt die in 1853 de huidige vorm, acetylsalicylzuur ontwikkelde, een onzuivere en onstabiele stof zodat men spoedig interesse verloor in dit nieuwe product.

           

Jaren later werd de draad weer opgepakt door Bayer die in 1897 een stabiele en zuivere vorm van acetylsalicylzuur op punt stelde en de productie van Asprine, de commerciële benaming, kon beginnen (in 1899). Het middel had een bijzonder groot succes in de eerste helft van vorige eeuw. Het werd o.a. massaal ingezet tegen de griepepidemie van 1918-1919. Recent onderzoek heeft echter uitgewezen dat de hoge dosissen aspirine die toen werden gebruikt mede verantwoordelijk waren voor het hoge dodental.

 

Goed nieuws?

 

Het succes van acetylsalicylzuur ging achteruit toen in 1956 paracetamol op de markt kwam en kreeg nog een klap toen in 1969 ibuprofen verscheen. Toch kreeg aspirine een nieuwe boost toen in de jaren 1980 duidelijk werd dat aspirine ook ingezet kon worden tegen bloedklonters. Dokters begonnen acetylsalicylzuur in lage dosis preventief voor te schrijven tegen hart- en vaatziekten, beroerte en de ziekte van Alzheimer. Aangezien het product vrij te koop is werd dit voorbeeld gevolgd door miljoenen patiënten die zichzelf hoopten te beschermen tegen toekomstige hart- en vaatziekten of beroerte.

 

Patiënt bedrogen

 

Zoals wel vaker gebeurt in deze sector blijken de veelbelovende wetenschappelijke onderzoeken uiteindelijk niet zo wetenschappelijk: in de afgelopen 5 à 10 jaar is van de preventieve werking geen spaander heel gebleven. Het wetenschappelijk onderzoek van destijds werd herleid tot niet meer dan een goed-nieuws-show die miljoenen hoop heeft gegeven en de verkoopscijfers van een product, dat al lang geen patent meer heeft en heel veel concurrenten, weer de hoogte in joeg. Pure reclame dus en eens te meer op de kap van de patiënt, want het jongste onderzoek heeft nog méér aan het licht gebracht.

 

Bijwerkingen verzwegen

 

Het was al lang bekend dat aspirine, net als alle andere NSAID’s de kans op maag- en duodenumbloedingen doet toenemen. Om dit euvel te voorkomen bedacht men COX-2 remmers die COX-1 ongemoeid laten. Het gevolg was dat deze nieuwe middelen niet meer onderhevig waren aan de gevreesde bijwerkingen van aspirine, paracetamol en ibuprofen.

           

Helaas voor de patiënten, wiens vertrouwen eens te meer werd beschaamd, bleek er niets te kloppen van het hele verhaal. Niet alleen bleken deze middelen maag- en duodenumzweren, -bloedingen en -perforaties teweeg te brengen, ze waren bovendien nog levensgevaarlijk omdat tienduizenden patiënten stierven aan een hartinfarct tengevolge van sommige COX-2 remmers.

 

Bovendien werd recent ook aangetoond dat alle NSAID’s verantwoordelijk zijn voor tal van andere problemen. Bloedingen bleken ook voor te komen in de dunne én in de dikke darm. Bovendien zijn NSAID’s verantwoordelijk voor ontstekingen en perforaties van de darmen en blijken ze vaak de oorzaak te zijn van Irritable Bowel Syndroom en de ziekte van Crohn.

 

Zweren, stenose (vernauwing) en afbraak van de slijmlaag in de dunne darm (ileum) komen 14 maal meer voor dan bij patiënten die geen NSAID’s gebruiken. Als het gebruik langer dan zes maanden duurde was het risico 22 maal zo hoog als bij niet-gebruikers. De meest gevoelige patiënten vertonen de symptomen al na 2 weken gebruik van deze klasse van pijnstillers enkelen zelfs na 2 dagen. Zelfs als aspirine in lage dosis gebruikt wordt, zogenaamd ter voorkoming van hart- en vaatziekten of beroerte, blijven de ongewenste bijwerkingen niet uit.

 

Besluit

 

Het is vreemd dat een overheid, die jarenlang stevia als zoetstof heeft verboden vanwege de vermeende gevaren, zo zorgeloos omspringt met werkelijk gevaarlijke medicijnen door ze toe te laten in vrije verkoop. De schade die deze middelen aanrichten blijven meestal onder de radar: men schat dat slechts 7% van de ongewenste bijwerkingen van NSAID’s gemeld worden. Dit komt omdat dokters meestal niet op de hoogte zijn van het medicijngebruik van hun patiënten en omdat de patiënt het gebruik van NSAID’s niet meldt omdat ze ongevaarlijk geacht worden.

 

Het onverantwoorde gebruik wordt aangemoedigd via media waar pijnstillers als doeltreffend en ongevaarlijk worden aangeprezen. De waarschuwende tekst die erbij hoort is ofwel onleesbaar, ofwel krijgt de kijker de tijd niet om die tekst te lezen. De aandacht wordt trouwens volkomen afgeleid naar de merkwaardige en snelle pijnverlichting die deze middelen te bieden hebben aan de lijdende mens. Men zwijgt in alle talen over de onnoemelijk schade die deze middelen elke dag weer teweeg brengen.

 

Dat ze ook maag- en darmkanker kunnen veroorzaken ligt voor de hand maar is vooralsnog niet ‘wetenschappelijk’ bewezen. Sterker nog: eind vorige eeuw werden NSAID’s beschouwd als middelen tegen darm- en borstkanker.

Het is en blijft een medicijn en er dient dan ook met overleg mee te worden omgegaan.

 

Het is misdadig om kinderen acetylsalicylzuur toe te dienen. Toch proberen fabrikanten ook daar de markt uit te buiten door zogenaamde kinderdosissen aan te bieden. We weten intussen dat ook in lage dosis aspirine en aanverwanten zeer ernstige gevolgen kunnen hebben. Wij raden dan ook in alle gevallen af om deze medicijnen te gebruiken op eigen initiatief.

 

Advies - Orthomoleculaire ontstekingremmers  

  • Omega-3 vetzuren: minstens 2100 mg EPA + 1500 mg DHA per dag
  • GLA (gamma-linoleenzuur): 900 tot 1800 mg per dag
  • Vitamine C: 1 à 4 gram per dag
  • Vitamine B6: 150 mg
  • Vitamine B3: 500 à 4000 mg
  • Zinkmonomethionine: 15 à 30 mg elementair zink
  • Magnesium: 250 à 1000 mg
  • Curcumine: 3 x 400 mg per dag
  • Bioflavonoïden: 1200mg per dag
  • Boswellia Serrata extract: 300 mg Boswellia zuur, 3 à 6 x per dag
  • Gember: 0,1 à 1 g poeder/d
  • Quercetine: 250 à 500 mg
  • Bromelaïne: 2 à 3 x 500mg op nuchtere maag of Multi-enzymcomplex